Uitgangssituatie

Op de pagina [UITGANGSSITUATIE] van een perceel definieert U bijvoorbeeld de huidige situatie zonder maatregelen. Een set maatregelen vult u in op de volgende pagina [MAATREGELEN]. De effectiviteit van maatregelen kunt u bepalen door de resultaten van simulaties met maatregelen te vergelijken met die van de uitgangssituatie.

Algemeen
In het venster algemeen kiest u de grondsoort van de omgeving, de ondergrond waarop het perceel is aangelegd. Daarnaast vult u een duur in van een gebeurtenis-simulatie en vult u een jaar of set jaren in voor simulaties met de 15-minuten neerslagreeks van De Bilt.

Simulaties met een neerslagreeks van 1 of meer jaren zijn bedoeld om het reguliere functioneren van het perceel in beeld te brengen. De resultaten van een neerslagreeks laten bijvoorbeeld zien hoeveel regenwater op jaarbasis verdampt naar de atmosfeer, infiltreert in de bodem, wordt afgevoerd naar het riool. Neerslagreekssimulaties zijn tijdrovend. De meerwaarde van resultaten van extra jaren is niet zo groot.

Onderdelen
In dit scherm vult u per onderdeel in 5 kolommen de volgende gegevens (volledig) in:

      • 3 kolommen met kenmerken die nodig zijn om werking van het onderdeel te beschrijven;
      • 2 kolommen met de bestemming van de afvoer van een onderdeel en de overloop/uitwissel-relaties van de onderdelen onderling.

Een perceel is opgebouwd uit de volgende soorten onderdelen:

      • Dak oppervlak (dak woning voor en achter, bijgebouw en garage);
      • Verhard oppervlak (terras, oprit, achterom, straat, achterpad en terras extra);
      • Onverhard oppervlak (tuin voor, achter en extra, groenstrook en grindstrook);
      • Voorzieningen (infiltreren, benutten en riool).

Onderscheid is gemaakt tussen onderdelen op particulier en openbaar terrein. Het openbare terrein bestaat uit de weg en het daarin gelegen riool(stelsel) en de groenstrook. De perceelonderdelen inclusief het achterpad horen bij het particuliere terrein.
Onderscheid is ook gemaakt onderdelen die vast in de schematisering zitten en onderdelen die naar wens in- of uitgeschakeld kunnen worden (door aan- of uit te vinken).

Bestemmingen
De afvoerbestemming van het dak- en straatoppervlak is bijvoorbeeld het riool. De overloop/uitwisselbestemming van het terras is vaak de tuin: als het terras het water via infiltratie door de voegen niet meer kan verwerken dan het water overlopen naar een wat lager gelegen tuin. Andersom kan ook als het terras lager ligt dan de tuin.

Overloopleiding
Een bijzonder element in de schematisering is de (nood)overloopleiding die de verbinding maakt tussen het particuliere terrein achter de woning en de straat als openbaar terrein. Deze verbinding kan noodzakelijk zijn om de opbouw van water in de tuin te limiteren.

De diameter en het instroompeil van de leiding kunnen worden ingesteld. De overloopleiding voert alleen af (of aan) als het waterpeil in de tuin (of op straat) boven het instroompeil stijgt.
Het instroompeil van de overloopleiding wordt bij voorkeur (ruim) onder het niveau van de drempel naar de woning gelegd maar boven het niveau van het terras en de tuin. Dat laatste is noodzakelijk om water vast te kunnen houden op het perceel en de werking van die overloopleiding te kunnen beperken tot situaties waarin het echt nodig is.

Bij een achtertuin die lager ligt dan de weg kan via de overloopleiding het water ook worden afgevoerd van het openbare naar het particuliere terrein. De overloopleiding kan daarom ook worden voorzien van een terugslagklep om stroomrichting van openbaar naar particulier terrein te blokkeren.

Links naar help-onderwerpen:

Laatste wijziging pagina: